Alberto Althoff
Door Matt Dings, foto's Herman Wouters ( www.hermanwouters.nl)
Alberto Althoff (1955) is directeur en dompteur van Circus Althoff. Hij werd geboren in Apeldoorn en groeide trekkend door Europa op. Zijn verre voorouders waren al circusmensen: de Althoff's stonden al begin negentiende eeuw in de piste en de Boltini’s, waar zijn moeder van afstamt, startten voor de oorlog. In die begindagen reisde opa Boltini rond met paard en wagen en paradetent waar hij de Vrouw met de Baard, de Sterke Man en diverse acrobaten presenteerde. Tony Boltini bouwde dat uit tot een groot, beroemd circus, waar Alberto Althoff's ouders elkaar leerden kennen. Zijn vader dresseerde indertijd leeuwen, zijn moeder bruine beren. Omdat zij hard en lang werkten, was de kleine Alberto veel bij zijn oma. Achterin haar oude woonbus was een kooi met twee chimpansees. Ook liepen er vaak een paar jonge leeuwtjes rond, die verstoten waren door hun moeder en een paar maanden flesvoeding kregen. Daar speelde hij dan mee, zoals andere kinderen met een poes of een hondje. Nam vader de welpen aan de lijn mee naar buiten om ze de eerste lesjes als leeuwenartiest te leren, dan liep zijn zoontje mee, of zat op de leeuwtjes, die dat best vonden. “Beetje tarzanachtig, zo opgroeien,” zegt hij.
"Voor een kind is een circus één Mekka.”
De hele dag speelde hij op het circusterrein, tussen de dieren, de artiesten, de tenten en de vrachtwagens, en iedereen lette wel een beetje op. Omdat dat wereldje zo internationaal is, sprak hij al snel vreemde talen: Duits, Italiaans en Frans. Inmiddels beheerst hij zes talen en kan hij zich in nog twee talen verstaanbaar maken. Maar veel opleiding heeft hij niet genoten: alleen lagere school, met moeite afgerond. Leren was maar bijzaak, vonden circusmensen indertijd. Stonden ze een paar weken op één plek, dan werden de kinderen ‘gedumpt’ op een school, waar ze werden uitgevraagd over het circusleven maar niet veel opstaken. In de winter gingen ze naar hun eigen school in het winterkwartier, een paar hallen in Soesterberg, waar de dieren op stal gingen en de wagens en de tenten werden opgeknapt. Hij heeft er goede herinneringen aan: Sinterklaasoptochten met alle paarden en alle artiesten, gezellige kerstvieringen met heel veel familie.
Van meet af aan werd hij aangetrokken door grote dieren. Zo was hij altijd graag in de buurt van de olifanten. Zijn vader nam hem mee als er olifanten van de trein gehaald moesten worden, en als ze dan in colonne van het station naar het circusterrein liepen, zat Alberto op een van de jumbo’s – fantastisch vond hij dat. Al vroeg wist hij dat hij net als zijn vader dompteur wilde worden. Geen acrobaat of jongleur, maar dresseur van grote dieren.
Iedere dag was een belevenis in het circus, vervolgt hij. “Oom Tony Boltini, die erg belust was op publiciteit, liet op een dag de leeuwen uit de kooi, zodat de pers erop af kwam. Of hij liet de paarden los, waarop die de stad ingingen of de autobaan op holden, mijn vader met een open wagen schietend erachteraan. Een en al avontuur ”Jongens van buiten kwamen graag bij circuskinderen spelen, want dan konden ze hutten bouwen van stro en cowboytje spelen met echte pony’s erbij, toch net iets leuker dan in de burgermaatschappij. Toen hij iets ouder werd, viel hij ook bij meisjes van buiten in de smaak. Ze wachtten hem op na de voorstelling. Wat wil je, als je met olifanten of paarden in de piste staat, heb je een streepje voor op andere jongens die op hun fietsje naar school gaan. En altijd maar reizen. Voor circusmensen wenkt de horizon elke keer weer. Opbouwen, afbreken, trekken, de spanning, de sensatie, improviseren, iedere dag nieuwe ontmoetingen. Maar ook vaak afscheid nemen.
“Aan het eind van het seizoen was het huilen geblazen voor oud en jong, want dan gingen veel artiesten met hun kinderen weg, was je weer vriendjes kwijt.”
Toen Alberto Althoff elf was, kondigde zich een heel moeilijk afscheid aan. Vader Althoff kreeg keelkanker. Zijn laatste twee levensjaren bracht hij in ziekenhuizen door, met een buisje in de keel. Hij kon steeds slechter praten en maakte het laatste halve jaar contact via briefjes. Het was een hard gelag voor zoon Alberto, die zo’n hechte band met zijn vader, zijn voorbeeld. “Mijn vader was een artiest, stond in de piste met schmink en mooie kostuums en roofdieren en olifanten, een man naar wie iedere dag duizenden mensen keken, en die man kreeg een dergelijke ziekte... Ineens was hij van zijn hele wereld afgesloten, van de dieren de circusmensen en het publiek. Het was heel erg.”
Op 38-jarige leeftijd overleed vader Althoff. Alberto kwam bij zijn oom Tony Boltini te wonen, ‘een harde zakenman die over lijken liep en het daarom zover heeft gebracht’. Tony Boltini liet hem heel hard werken, maar leerde hem wel het circusvak. Door andere Boltini ooms voelde Althoff zich als jonge jongen gewoonweg uitgemolken. Wanneer ze hem ’s ochtends vroeg wakker riepen, ging dat zo: ‘Als je er nou niet uitkomt, schop ik je darmen uit je lichaam.’ Het waren proleten, zegt hij ronduit. In zijn sporadische vrije tijd probeerde hij zich de dierendressuur machtig te maken. Een broer van zijn vader kocht een paard voor hem, Hannibal, ‘die was al zo oud dat hij alles zelf kon en me liet zien wat ik moest doen’. Zo kwam hij voor het eerst in de piste te staan. Liefst zou hij alle dieren van de wereld dresseren, ‘de hele ark van Noach’. Hij kwam een heel eind, want behalve paarden leerde hij olifanten dresseren, bizons, tijgers, giraffen, kamelen, een neushoorn zelfs – nerveus dier trouwens, wilde om het uur aan aai en een woordje van zijn dompteur. Zoals sommige mensen goed met kinderen of gehandicapten kunnen omgaan, zo kan hij nou eenmaal goed met dieren omgaan. Hij groeide snel naar een hoogtepunt. Dat kwam toen hij op zijn 22ste met zes heel grote olifanten in de arena van Mexico City stond en werd toegejuicht door 20.000 toeschouwers. “Dat nemen ze me nooit meer af,” zegt hij. “Erkenning voor je prestatie: daar doe je het voor als artiest. En al ben ik nu al 52, ik krijg nog van elke staande ovatie koude rillingen.” | Reacties
sandra ben vanmiddag naar hoogeveen geweest vond het geweldig. heel wat anders dan de circus van voorheen.
...MeerP. Het was heel erg gezellig, zeker omdat we daar met personeelsfeest waren! Het was een leuke show en ...Meer |